Onderzoeksproject P7/22 (Onderzoeksactie P7)
Onderzoeksdomein
Het onderzoek naar "Justitie in relatie tot de samenleving" is een groeiend domein. Vaak ontbreekt er echter een multidimensionale aanpak binnen de sociale wetenschappen. Bouwend op de ervaringen en resultaten van een vorig IUAP-project over "Justitie & Samenleving" (IUAP P6/01), dat belangrijke lacunes in de kennis van de Belgische nationale gerechtelijke geschiedenis aanpakte vanuit een top-down en institutioneel perspectief, breidt het huidige project de blik verder uit om het thema van de relaties tussen Justitie en bevolkingen te bestuderen vanuit een interdisciplinair lange-termijn perspectief, waarbij de periode van 1795 tot op heden wordt behandeld.
a) De Belgische ervaring wordt daarbij systematisch onderzocht in haar internationale context, nl. die van een globaliserende wereld. Met betrekking tot justitie, in het bijzonder tijdens de 20ste en 21ste eeuw, vereist dit een vernieuwende benadering om aan te tonen waar men "justitie" historisch en geografisch kan plaatsen binnen de globale/lokale context, en hoe het "lokale" kan worden uitgebreid om de internationale, transnationale en supranationale aspecten van justitie onder de loep te nemen. Dit is met name relevant voor België aangezien het op diverse vlakken en op verschillende momenten in haar geschiedenis dienst heeft gedaan als een "laboratorium van de westerse cultuur" (bijv.: penitentiair beleid; ervaringen van bezetting tijdens de oorlogen; de Belgische koloniale gebieden).
b) Een bottom-up perspectief houdt in dat het project zich toespitst op "bevolkingen": zowel juridische instellingen als sociale groepen, gemeenschappen en individuen in hun omgang met justitie. Vanuit een sociaal wetenschappelijk perspectief betekent dit dat klasse, leeftijd, geslacht en etnische of nationale verschillen worden in rekening gebracht in de onderzoeksprojecten.
Doelstellingen
De volgende wetenschappelijke doelstellingen worden vooropgesteld:
Omschakelen van een "justitie-centrische" benadering naar de studie van interacties tussen juridische instellingen, sociale groepen en individuen.
De diachronische expertise uitdiepen: samenlevingen uit het verleden en het heden met elkaar vergelijken; continuïteit en evoluties identificeren op de langere termijn alsook momenten van crisis en verandering.
Internationaal perspectief: juridische aspecten bestuderen op vergelijkende en kritische basis, nationale ervaringen vergelijken, maar ook transnationale overdrachten onderzoeken, evenals de verspreiding van concepten, kennis en praktijken binnen het kader van globale processen.
Interdisciplinair: de bovenvermelde doelstellingen vereisen een deelname van uiteenlopende disciplines: geschiedenis, rechten, sociologie, criminologie, politieke wetenschappen, bestuurskunde, archiefwetenschappen.
Methodologie en projectstructuur
Om deze doelstellingen te bereiken, wordt het project gestructureerd rond 5 geïntegreerde werkpakketten: 4 thematische werkpakketten, waaraan telkens verschillende nationale en internationale partners deelnemen en essentiële transnationale aspecten onderzoeken van de relaties tussen justitie en bevolkingen vanuit verschillende disciplinaire analytische invalshoeken en schalen (macro, meso, micro, lange termijn). Het vijfde WP is specifiek gewijd aan de ontwikkeling van gezamenlijke kennisbeheerstrategieën (bronnen, hulpmiddelen, methoden, training, valorisatie), gericht op het ondersteunen en promoten van het onderzoek van het volledige netwerk. In het kader van een multidimensionale en multidisciplinaire benadering worden uiteenlopende sociaal-wetenschappelijke en historische methoden samengebracht, gaande van de contextuele rechtsgeschiedenis tot sociale beleidsanalyses, bronnenkritiek, vertooganalyse, prosopografie, case- studies en etnografisch veldwerk, die allen zowel kwantitatieve als kwalitatieve expertise van de partners impliceren.
Werkpakket 1: Justitie, de nationale Staat en de internationale dynamiek
Samengesteld uit twee onderscheiden maar met elkaar samenhangende sub-WPs, neemt dit Werkpakket het gerechtelijk systeem als uitgangspunt om verschillende niveaus van de relaties tussen justitie en de samenleving te onderzoeken. WP1a heeft tot doel het niveau van natie-staat te overstijgen om de blik te richten op de netwerken van internationaal recht, rechtspraak en ordehandhaving, evenals op koloniale gebieden in hun uitwisselingen met de metropolis. WP1b kijkt binnen in het gerechtelijk systeem van de staat naar het functioneren van en de interactionele dynamiek tussen de juridische instellingen en actoren, en naar de socio-professionele netwerken van het juridisch personeel.
Werkpakket 1a: Justitie en internationale dynamieken (BeJustInt): Op internationaal niveau spe€l(d)en Belgische juristen een belangrijke rol in de configuratie van het internationale recht en jurisprudentie door middel van uitwisselingen van internationale wetgeving, koloniale wetgeving, bezettingswetgeving, wetgeving in verband met gewapende conflicten, oorlogsmisdaden en mensenrechten. Anderzijds is er een aanzienlijke Belgische vertegenwoordiging in de ontwikkeling van transnationale rechtsgebieden van regelgeving en controle (zoals Interpol, Euro-Pol en Euro-Just), evenals in de uitoefening van internationale ordehandhaving.
Werkpakket 1b: Het nationale gerechtelijke systeem: werking, hervormingen, actoren (BeJustState): Op het niveau van het nationale gerechtelijke systeem zelf worden de structuur en werking van juridische systemen gevormd door complexe interacties tussen institutionele actoren en organen op verschillende niveaus van de ‘gerechtelijke keten’ (politie, vervolging, berechting, strafuitvoering), die op hun beurt onderhevig zijn aan verandering en hervorming als gevolg van wijzigende verwachtingen en houdingen van burgers ten aanzien van justitie. Onderzoek naar het handelen en interageren van collectieve gerechtelijke actoren vereist daarnaast ook bijkomende studie van de intellectuele, sociale en professionele netwerken van justitie; een prosopografie van het juridisch personeel; processen van professionalisering en professionele cultuur; (inter)nationale verenigingen van magistraten, politieagenten, advocaten, juristen, enz.
Werkpakket 2: Justitie en de burger (BeJustCitiz)
Het onderzoek dat wordt uitgevoerd in het kader van WP2 benadert de relaties tussen justitie en maatschappij vanuit het oogpunt van de burger, als subject (soms ‘doelwit’) en klant van wettelijke en juridische systemen. Uitgaande van een "bottom-up" perspectief worden burgers niet enkel beschouwd als getrouwe onderhorigen die zich passief onderwerpen aan de repressie van de staat; zij moeten eerder worden beschouwd als krachten die zich wenden tot, en actief gebruik maken van, de politie en de rechtbanken om hun eigen doelen te realiseren en hun eigen belangen te behartigen.
Dit WP spitst zich in het bijzonder toe op de betrokkenheid van de burger bij de werking van de gerechtelijke en penitentiaire systemen en hun hervormingen, en op de ervaringen van burgers met en hun attitudes ten opzichte van de politie, justitie en de gevangenissen. Verschillende onderzoeksprojecten draaien rond drie centrale punten:
1) de ervaring en de houding van burgers als klanten van justitie, waarbij de vraag over het vertrouwen / wantrouwen van de burgers in de juridische instellingen wordt gesteld. De vraag over de impact van de burger op hervormingen van het wettelijk systeem wordt gesteld in een hedendaagse context: het Gerechtelijk wetboek van 1967 en het post-Dutroux tijdperk; 2) de acties/reacties van de burgers die deel uitmaken van gestigmatiseerde doelgroepen en derhalve het onderwerp vormen van een specifieke ordehandhaving en gerechtelijke en sociale reactie, inclusief, bijv., jonge overtreders en "geïnterneerden" met gedragsproblemen. Bijzondere aandacht gaat uit naar hun alledaagse interacties in de praktijk met regelgevende instanties en de impact van juridische en politionele interventies op hun individuele trajecten van stigmatisering en opsluiting; 3) de ervaringen van de gewone burgers in hun omgang met de arm der wet en justitie in niet-standaard of uitzonderlijke contexten zoals een crisis, conflicten en hervormingen, in het bijzonder in perioden van revolutie, kolonialisme of globale conflicten.
Werkpakket 3: Justitie, crisis en risico(volle) bevolkingen (BeJustCrisis)
Dit WP onderzoekt ervaringen met een globale crisis en overheersing die specifieke veranderingen teweeg brengen binnen de juridische instellingen en praktijken en die, in tijden en contexten van uitzonderingen en/of experimenten, fundamentele verschuivingen veroorzaken in de relatie tussen justitie en de burger. De focus ligt hier meer bepaald op de wijze waarop deze veranderingen een impact hebben op, en ervaren worden door, de betrokken overheerste bevolkingen, en ook de wijze waarop deze reageren door eigen strategieën te ontwikkelen, en aldus de dominante orde veranderen.
Het onderzoek richt zich in de eerste plaats op de ervaringen van militaire overheersing, inclusief de repressie en weerstand tijdens de Franse, Nederlandse, Duitse of Belgische overheersing/bezetting; de plaats van militaire justitie; en naoorlogse repressie (amnestie, "incivisme"). Een tweede onderzoeksas spitst zich toe op de context van de koloniale overheersing, waarbij zowel de koloniale wetgeving als justitie en politiesystemen in het Belgische "koloniale rijk" (Kongo, Rwanda Urundi) worden onderzocht in het kader van het Europese kolonialisme. In beide onderzoeksassen gaat bijzondere aandacht uit naar de studie van de wijze waarop, in een context van crisis en/of overheersing, specifieke risico- en risicolopende bevolkingen worden gedefinieerd, aan politionele controle onderworpen en mogelijk worden geïnterneerd. Het gaat hierbij van "rebelse" bevolkingen, politieke tegenstanders en oorlogscollaborateurs, tot zigeuners, vluchtelingen en migranten in de hedendaagse geglobaliseerde maatschappij.
Werkpakket 4: Lange termijn (zelf)representaties van justitie (LongTermJust)
Dit WP gaat uit van het idee dat “justitie niet alleen moet worden uitgevoerd; ze moet ook uitgevoerd zien worden”. Een van de belangrijkste relaties van justitie met de maatschappij en haar burgers bestaat in de wijze waarop justitie wordt verbeeld en zichzelf verbeeldt naar de buitenwereld toe. Deze (zelf)verbeelding of -representaties kunnen vervat zitten in, en gevormd worden door, uiteenlopende ‘dragers’, gaande van, bijvoorbeeld, "plaatsen van justitie" zoals monumenten, gebouwen en sites van terechtstelling tot literaire, visuele en andere uitingen in de populaire cultuur. De (zelf)verbeelding van justitie zit eveneens vervat in de ‘deskundige vertogen’ die men aantreft bij experts, in gerechtelijke statistieken en vaktijdschriften en bij beleidshervormingen, en die allen (tot doel hebben om) een ‘wetenschappelijke’ beroepscultuur van justitie weerspiegelen.
Aangezien dit veld zo omvangrijk is en een geïntegreerde multidisciplinaire benadering nog steeds in zijn beginfase staat op internationaal niveau, werd de beslissing genomen om drie gerichte en diepgaande onderzoeksprojecten te combineren met kleinere verkennende studies, waar alle partners aan deelnemen door aandacht te besteden aan representaties van justitie binnen hun respectievelijke sub-projecten in andere WPs. In de gerichte onderzoeksprojecten komt de gerechtelijke iconografie aan bod om België de kans te geven haar achterstand in te halen in dit sterk ontwikkeld internationaal onderzoeksveld, evenals het eerder nieuwe domein van de rechts- en justitiearcheologie, met focus op de ‘gebouwde’ representaties van justitie zoals rechtszalen, gevangenissen, politiekantoren, etc. Een derde project onderzoekt de rol van visueel materiaal (van populaire schilderijen tot foto's en film) en literatuur (van romans tot professionele wettelijke herzieningen) in de constructie van collectieve representaties van de samenleving, meer in het bijzonder in de verbeelding van de koloniale orde, en in de ontwikkeling van een "wetenschappelijke cultuur van justitie".
Werkpakket 5: Kennisbeheer voor een sociaal-wetenschappelijke geschiedenis van justitie: bronnen, hulpmiddelen, training en valorisatie (DigitJustHis)
Dit transversale WP heeft als doel het onderzoek van het volledige netwerk te ondersteunen en te promoten: het streeft naar 1) de ondersteuning van strategieën voor de verzameling, evaluatie en digitalisering van (niet) gepubliceerde gerechtelijke bronnen, 2) het ontwikkelen van methodologische hulpmiddelen, onderzoeksinstrumenten en metagegevens, 3) het productiever en zichtbaarder maken van onderzoek, zowel voor de wetenschappelijke gemeenschap als het grotere publiek, 4) de organisatie van een gemeenschappelijke onderzoeksopleiding. Het platform voor deze netwerk-brede inspanningen is de bestaande IUAP-portaalsite "Just-His.be", ontwikkeld tijdens IUAP fase VI, die reeds talrijke bronnen en een grote hoeveelheid documentatie bevat alsook tekstuele, prosopografische en statistische hulpmiddelen. Centrale aandachtspunten zijn meer in het bijzonder de integratie van elektronische publicaties; computeranalyse; gegevensarchivering en -ophaling; nieuwe digitale bronverzamelingen. Behalve de specifieke expertise op het gebied van de archiefwetenschap die hier wordt ingezet, richt het onderzoek zich op het internationaal ontluikende veld van de Digital Humanities, waarin de criminaliteit- en justitiegeschiedenis een sturende rol speelt. Dit wordt gecombineerd met een gerichte opleiding voor de IUAP-onderzoekers op het gebied van gegevensbeheer, computeranalyse, privacy- en auteursrechtelijke kwesties, etc…